Helder beleid essentieel
Aan het begin van het schooljaar merkt Leeuwendaal VOS/ABB altijd een toename in het aantal vragen over toelating van leerlingen. Als een leerling wordt geweigerd leidt dat nogal eens tot een juridische procedure, aangespannen door de ouders. De belangen zijn immers groot: hun kind wordt afgewezen door de uitverkoren school en de ouders willen alsnog toelating proberen af te dwingen. Dit artikel gaat in op de vraag: moet een schoolbestuur deze gang naar de rechter vrezen?
In het algemeen is toelating van leerlingen het uitgangspunt; weigering is de uitzondering. Dit wil niet zeggen dat iedere leerling zonder meer moet worden toegelaten. De beslissing over toelating is een discretionaire bevoegdheid van het schoolbestuur. Er is sprake van een vrije beslissingsruimte.
In verschillende uitspraken met betrekking tot dit onderwerp uit de afgelopen jaren komt deze terughoudende opstelling van de rechter duidelijk naar voren. Zeer recent nog in een uitspraak van de rechtbank Haarlem in een kort gedingprocedure. Ook in dit geval bleek weer van belang dat een besluit tot weigering van een leerling goed wordt gemotiveerd. Een vastgelegd toelatingsbeleid dat duidelijke en objectieve criteria kent en dat aan de ouders kenbaar is gemaakt, bijvoorbeeld door publicatie in de schoolgids, is hiervoor essentieel.
Rugzakleerling
De rechter hecht zeer veel waarde aan een consistent beleid.
Belangrijk onderdeel van het toelatingsbeleid zijn de criteria die worden gehanteerd om te bepalen of een school kan voldoen aan de zorgbehoefte van een aangemelde rugzakleerling. Voor elke rugzakleerling moet de afweging worden gemaakt of de combinatie van handicap en de extra onderwijsondersteuning die nodig is, spoort met de mogelijkheden en draagkracht van de school. Pedagogisch-didactische factoren en/of organisatorische factoren kunnen volgens de rechtspraak toelating in de weg staan. Alvorens een leerling te weigeren, moet het bevoegd gezag zich steeds voldoende inspannen om alle mogelijkheden te onderzoeken om aan de zorgbehoefte van die specifieke leerling te voldoen.
Geconcludeerd mag worden dat het bevoegd gezag een juridische procedure met betrekking tot het weigeren van een leerling in veel gevallen met vertrouwen tegemoet kan zien. Voorwaarde daarvoor is dat er een helder toelatingsbeleid is geformuleerd dat zorgvuldig en consequent wordt toegepast en dat (vooraf) kenbaar is gemaakt aan de ouders.














